Stage leraar basisonderwijs voltijd

Je kunt stagelopen op scholen met verschillende identiteiten, bijv. openbaar, katholiek, protestant-christelijk, etc. Er is ook veel variatie in concepten. Zo zijn er scholen met vernieuwingsonderwijs als Jenaplan, Dalton, OGO of Montessori, maar zijn er scholen die werken met unitonderwijs, natuurlijk leren, of veel digitale middelen inzetten. Op deze manier kun je veel verschillende soorten onderwijs ervaren en er zo achter komen wat goed bij jou past.

In samenwerking met onze stagescholen word je voorbereid op het prachtige beroep van leraar basisonderwijs. De leraar van de stageklas is je mentor en begeleidt je in de praktijk. Je ontwikkelt je tot een volwaardig teamlid. Vanuit de opleiding krijg je tijdens de stageperiodes bezoek van een docent van KPZ, dit is je rayondocent. De rayondocent begeleidt je tijdens de stage en hij beoordeelt ook jouw functioneren in de stage. Bureau Praktijkleren zorgt voor de stageplaatsingen waarbij rekening wordt gehouden met woonplaats, waar mogelijk met denominatie en verdere bijzonderheden die bekend zijn. We hebben een vaste groep stagescholen die met KPZ samenwerkt. Bij het kopje ‘Samenwerkingsverbanden’ worden de verschillende soorten scholen verder toegelicht.

In het eerste jaar van de voltijdopleiding (semester 1 en 2) oriënteer je je tijdens je stage op het beroep van leraar in twee verschillende groepen, waarbij de keuze van de groep vrij is voor jou en de stageschool. Aan het eind van het eerste jaar ben je in staat om een boeiende en didactisch verantwoorde les te ontwerpen, uit te voeren en te evalueren.
In het tweede jaar van de voltijdopleiding (semester 3 en 4) loop je in semester 3 stage in de midden- of bovenbouw (groep 5 t/m 8). Je leert een les te ontwerpen waarbij de instructie aansluit bij de (onderwijs)behoefte van de groep. In semester 4 loop je stage in de onderbouw (groep 1-2). In deze stage ga je thematisch lesgeven aan een groep kinderen waarbij je in staat moet zijn uiteindelijk hele dagdelen zelfstandig aan het werk te zijn. Je leert ontwikkelingsgerichte onderwijsactiviteiten te ontwerpen en uit te voeren. In het eerste en tweede jaar loop je veelal op maandagen stage, aangevuld met enkele stageweken. Als je de opleiding onderwijsassistent hebt afgerond dan hoef je in het eerste jaar een aantal dagen minder stage te lopen.

In het derde jaar van de voltijdopleiding (semester 5 en 6)  start je met een stage in groep 3 en/of 4. Tijdens deze stage staat het omgaan met verschillen centraal (adaptief onderwijs). Je moet leren en laten zien dat alle kinderen in de klas een goed lesaanbod van je krijgen en dat je dus tegemoet komt aan de diverse onderwijsbehoeften van de kinderen. In semester 5 loop je veelal op donderdagen stage, afgewisseld met enkele stageweken. In semester 6 kun je zelf kiezen in welke groep je stage wilt lopen. Ook kun je ervoor kiezen om je stage in het buitenland, het vmbo of in het speciaal onderwijs te doen. Als je kiest voor het vmbo krijg je ook theorie over het vmbo en loop je stage op één van de geselecteerde vmbo-scholen waar we een inhoudelijke samenwerking mee hebben. Studenten die zich willen specialiseren in vernieuwingsonderwijs doen hun stages op een vernieuwingsschool, bijvoorbeeld Jenaplan, Dalton of OGO. Je laat in dit semester zien dat je in verschillende contexten kunt lesgeven. In semester 6 loop je enkele weken achter elkaar (vaak tien weken) stage. Gedurende deze weken kom je een aantal keer terug naar de opleiding voor begeleiding en voorbereiding. Bureau Praktijkleren bemiddelt bij de stageplaatsing en in sommige gevallen plaatst Bureau Praktijkleren studenten op een opleidingsschool.

In het vierde jaar (semester 7 en 8) loop je wpo-stage. Wpo betekent werkplekopleiding. Plaatsing vindt plaats via een wpo-procedure op één van de wpo-scholen van KPZ. De wpo houdt in dat je twee dagen in de week op donderdag en vrijdag een eigen, vaste stagegroep hebt. De keuze van de groep wordt aangegeven in de vacature van de school. In totaal gaat het om minimaal 60 dagen. Als je je wpo-stage op een academische opleidingsschool doet, ben je ook 30 woensdagen op de stageschool aanwezig om aan je onderzoek m.b.t. de schoolontwikkelingsvraag te werken. Je hebt geen mentor meer in de klas, maar krijgt begeleiding door een daartoe opgeleide coach op afstand. Je laat dit laatste jaar zien dat je je professionele identiteit kunt verwoorden en kunt toepassen in de praktijk en dat je onderzoeksgegevens kunt verzamelen en interpreteren op basis van noties uit de vakliteratuur.
Plaatsing vindt plaats via een wpo-procedure op één van de wpo-scholen van KPZ.

Je werkt in de stage aan het behalen van competenties. Dit gebeurt bij het organiseren van verschillende activiteiten in de klas en bij de begeleiding van individuele leerlingen en groepen kinderen. Ook tijdens het voorbereiden, uitvoeren en nabespreken van lesactiviteiten is dit aan de orde. Op KPZ worden activiteiten georganiseerd waarin je de stagelessen voorbereidt. Je geeft les in alle basisschoolvakken.

Samenwerkingsverbanden

We hebben verschillende samenwerkingsverbanden en daardoor zijn er verschillende soorten scholen waarop je als student je stage kunt doen, te weten:

  • Reguliere stagescholen
  • WOS (werkplekopleidingsscholen)
  • OS (opleidingsscholen)
  • AOS (academische opleidingsscholen)

Reguliere stagescholen 
Reguliere stagescholen zijn scholen waar KPZ wel studenten plaatst, maar waarvan de school niet behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom Samen Opleiden en Professionaliseren (voorheen Opleiden in de School genoemd). Deze scholen kunnen passend zijn voor de student i.v.m. ligging, onderwijsconcept of ontwikkelbehoefte van de student.

Opleidingsscholen  
Naast de reguliere stagescholen heeft KPZ verschillende samenwerkingsverbanden rondom Samen Opleiden en Professionaliseren, waarin een aantal schoolbesturen participeert. Bij het Samen Opleiden en Professionaliseren (SO&P) gaat het om collectief leren, het stimuleren van onderzoekend vermogen, duurzame onderwijsontwikkelingen en de professionalisering van (aankomende) leraren. Het collectief leren wordt vormgegeven door o.a. in de stage te werken in leergroepen. In de toekomst zal steeds meer sprake zijn van interprofessionele leergroepen, waarbij studenten vanuit diverse opleiding participeren in de leergroep.

Werkplekopleidingsschool (WOS)
Dit is een school die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom SO&P. De student wordt opgenomen in het team en de cultuur van het onderwijs op die betreffende school. De mentoren zijn geschoold in het begeleiden en beoordelen van studenten door het volgen van de mentorentrainingen.

Opleidingsschool (OS)
Dit is een school die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom Samen Opleiden & Professionaliseren (SO&P). Op opleidingsscholen vormen alle (voltijd-)studenten van het 1e t/m het 4e leerjaar een leergroep, die onder leiding van een daartoe opgeleide Opleider in de School (ois’er) samen leren en werken aan een voor hen én de school kenmerkende en betekenisvolle leersituatie, vaak uitmondend in een concreet product. Deeltijdstudenten worden van harte uitgenodigd deel te nemen aan de stageleergroep, maar zij kunnen hiertoe niet verplicht worden. Naast het product is vooral ook het proces erg belangrijk, het leren van elkaar en het krijgen van een plek in het team.

Academische opleidingsschool (AOS)
Een academische opleidingsschool is een opleidingsschool die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de drie erkende samenwerkingsverbanden rondom SO&P. De AOS is in beginsel een OS, met dezelfde uitgangspunten en werkwijze. Daarnaast doet de vierdejaarsstudent nog onderzoek in het kader van een schoolontwikkelingsvraag. Hij doet dit samen met een onderzoeksgroep van de betreffende school, onder leiding van de daartoe opgeleide onderzoekscoördinator.